fys-optima

facebooktwitter

Schoolgaande kinderen (4-12 jaar)

 

Problemen die specifiek kunnen voorkomen bij schoolkinderen:

  • Moeite met knutsel- en/of tekenwerkjes en andere fijn-motorische taken
  • Schrijfproblemen,
  • Nog geen echte voorkeurshand ontwikkeld in groep 2
  • Krampachtig en gespannen bewegen, faalangstig zijn
  • Hypermobiele gewrichten (erg lenig zijn)
  • Motorische onhandigheid/ houterig bewegen
  • Moeite met aanleren van specifieke vaardigheden als zwemmen en fietsen
  • Evenwichtsproblemen
  • Hypotonie (Lage spierspanning)
  • Hypertonie (Hoge spierspanning)
  • Afwijkend looppatroon
  • Angstig gedrag betreffende motorische activiteiten (bv. niet in een wandrek durven klimmen of geen koprol willen leren)
  • Meer dan gemiddeld vallen en struikelen, b.v. tijdens de gymlessen
  • Motorisch niet mee kunnen in een reguliere sportvereniging
  • Problemen met de prikkelverwerking
  • Orthopedische problemen of problemen na een trauma
  • Hoofdpijnklachten, nekklachten
  • Houdingsproblemen, wervelkolomafwijkingen als Scoliose middels Schroth therapie 
  • Jeugdreuma
  • Pervasieve ontwikkelingsstoornissen (autisme)
  • Ademhalingsproblemen
  • Sportblessures
  • Incontinentieklachten voor urine en/of ontlasting of andere bekkenbodemproblemen
  •  


Kinderfysiotherapie op de schoolleeftijd werkt hulpvraag-gericht. Dat wil zeggen dat de behandeling gebaseerd wordt op doelen die samen met het kind (en de ouders) opgesteld worden. Welke vaardigheden wil het kind leren?

Kinderen vanaf 4 jaar kunnen steeds beter opdrachtgericht werken. Ze krijgen dan ook  meestal een aantal opdrachten en/ of oefeningen mee naar huis, om samen met een ouder,  zusje, broertje of vriendje te doen. Plezier in bewegen en vertrouwen krijgen in je eigen lijf en kunnen staat voorop. 

Ook een screening op school na overleg met ouders, leerkracht en eventueel interne begeleider is mogelijk.

Vaak zal de kinderfysiotherapeut een specifieke test afnemen om te beoordelen hoe uw kind beweegt t.o.v. leeftijdsgenootjes. Deze test (Movementt ABC-2) is specifiek bedoeld om de  de motoriek van het kind te bekijken en meet drie componenten verdeeld over acht items: handvaardigheid, mikken en vangen en evenwicht. Middels deze test kunnen problemen vroegtijdig worden opgespoord. Verder kunnen de testresultaten het uitgangspunt zijn voor een behandelplan.

Voor de leeftijdsgroep van 4 tot 10 jaar kunnen we ook nog gebruik maken van een nieuw  meetinstrument die functionele spierkracht meet (denk hierbij aan traplopen, het gooien van een voorwerp, iets optillen, springen).

<< terug